De samensteller en vertaler van Goudzand deelt het leven van Konstantin Paustovski in de vrouwen die hij heeft gehad. De Russische schrijver Konstantin Paustovski is 3 keer getrouwd geweest. Zo zijn de verhalen, dagboekfragmenten en brieven ook opgedeeld in 3 delen:

1914 – 1935: huwelijk met Jekaterina Stepanovna Zagorskaja (trouwt op 26 augustus 1916; gescheiden 1936)
1935 – 1948: huwelijk met Valeria Valisjevskaja Navasjina (1936, gescheiden in 1949)
1950 – 1968: huwelijk met Tatjana Jevtejeva (trouwt in 1949)

De 3 periodes leggen ook een andere nadruk op het leven van Paustovski. Al blijven zijn kinderen een belangrijke rol vervullen. Dat geldt voor elk kind dat uit elk huwelijk komt, aangenomen of niet. Hij behandelt ze allemaal als zijn kinderen. Hij onderhoudt daarna zorgvuldig een band met zijn (aangenomen) zonen en dochter. Het zijn de brieven aan zijn kinderen die onderhoudend en tegelijkertijd ook heel treffend zijn geschreven.

De egodocumenten geven een prachtige inkijk in het leven van Konstantin Paustovski. Geplaagd door geldnood, soms door honger en vooral door zijn gezondheid. De astma is iets waar hij veelvuldig last van heeft. Dan schrijft hij naar zijn Franse vertaalster en vraagt haar of ze hem medicatie wil toesturen tegen de astma.

Daarbij zijn ook de brieven aan zijn vrouwen heerlijk om te lezen. Hij vertroetelt ze, aanbidt ze zelfs en schrijft ze in lieve bewoordingen. De troetelnamen zijn hier aandoenlijk om te lezen. De verliefdheid vormt een aanhoudend thema en verschuift van vrouw naar vrouw. Zoals wanneer hij aan zijn laatste vrouw Tatjana schrijft, gekweld door zijn huwelijk met Valeria:

Het is een vreemd lichtblauwe, magische, maanbeschenen nacht, maar het nu over liefde gaan hebben zou nergens op slaan (u hebt immers geen ‘uitleg’ nodig), vooral ook omdat dit niet gewoon maar liefde is. Het is iets ongewoons dat het hart samenkrampt en waar ik in onze mensentaal geen naam voor ken. (381)

Konstantin Paustovski weet het prachtig te vatten in het verhaal ‘Sneeuw’ dat over het huis van een oude man gaat, waar Tatjana Petrovna met haar dochter gaat wonen. Ze komt er vanwege de woningnood in de Tweede Wereldoorlog. Ze blijft zo achter in het huis.

Als de zoon van de overleden man langskomt vanuit het front, is hij verbaasd. Hij zegt de vrouw eerder te hebben gezien, maar zij kan zich niets ervan herinneren. Het is voor hem vreemd om deze vrouw met haar dochter in zijn huis te zien, tussen zijn meubels en bij zijn piano.

Ze heeft zelfs zijn brief aan zijn vader opengemaakt. Niet dat hij het erg vindt, schrijft hij haar later. Hij zou haar zelfs kunnen liefhebben. Ook omdat hij haar in de Krim meent te hebben gezien. Maar zij is er nooit geweest, maar besluit het niet uit zijn hoofd te praten.

Konstantin Paustovski: Goudzand, Verhalen, dagboeken en brieven. Samengesteld en vertaald door Wim Hartog. Amsterdam: Uitgeverij van Oorschot, 2016. ISBN: 978 9028 261 228. Prijs: € 34,99. 670 pagina’s.Bestel