In Goudzand spreekt Konstantin Paustovski een onbegrensde liefde uit voor de Krim. Hij verblijft er regelmatig en geniet van het prettige klimaat. Het is er heerlijk, de combinatie van de Zwarte Zee en het aangename weer.

De beschrijvingen van steden als Sebastopol en Jalta, ademen een prachtige sfeer uit. Je voelt de warmte en het aangename klimaat van deze streek. Niet voor niets zo’n geliefde streek waar de Russen al langere tijd hun zinnen op hebben gezet. Hij schrijft aan zijn ‘lieve, kleine konijntje’, zijn vrouw Jekaterina Zagorskaja in 1922:

Wat is Sebastopol toch een gezellige en zonnige stad. Wat een warmte, kleurigheid en zuidelijkheid! Wij moeten absoluut hiernaartoe verhuizen. Je knapt hier zo geweldig op. (140)

Mogelijk doet de Krim hem ook herinneren aan zijn jeugd in Kiev, de hoofdstad van de Oekraïne. De stad waar veel grote, Russische dichters vandaan komen. Het komt echter niet van een vast verblijf in de Krim. Hij vindt later zijn buitenhuisje in Taroesa, op 100 kilometer afstand van Moskou.

De datsja, het buitenhuisje van Konstantin Paustovski ligt aan de rivier de Oka. Hij woont de laatste 13 jaar van zijn leven in het huisje. De stad heeft op een afstand van 100 kilometer een stuk aangenamer klimaat voor de door astma geteisterde Konstantin Paustovski.

Hij vindt Jalta zo heerlijk dat hij in 1966 nog in een brief voorstelt het huisje in Taroesa van de hand te doen en in de Krim een buitenhuis te bouwen. Hij moet hiervoor een stukje grond zien te bemachtigen. Het hoeft niet veel te zijn. Maar juist dat lukt hem niet. Terwijl de doktoren duidelijk hebben aangegeven dat Jalta erg goed voor hem zou zijn. Zo eindigt zijn leven uiteindelijk in het Kremlinziekenhuis in Moskou.

Konstantin Paustovski: Goudzand, Verhalen, dagboeken en brieven. Samengesteld en vertaald door Wim Hartog. Amsterdam: Uitgeverij van Oorschot, 2016. ISBN: 978 9028 261 228. Prijs: € 34,99. 670 pagina’s.Bestel