Ik lees korte stukjes over poëzie van Remco Campert. Zonder roken bij mij geen poëzie heet het. Het lag in de bibliotheek. Ik had net de documentaire over deze bijzondere dichter gezien. Deze bundel sluit hier prachtig op aan.

Ik lees over de mijmerij van poëzie, over Herman Gorter en lees een prachtig gedicht. Dit is het gedicht dat ik jaren zocht voor in het poëzie-album van Doris. Ik zeg het hardop. We zitten gezellig bij elkaar in de woonkamer. Meteen pakt Doris het poëzie-album. Ik mag het erin zetten. Op de bladzijde waar bovenaan dik met pen staat ‘papa’.

Mijn opa heeft in het album van mijn moeder ook een lege plek laten staan. Ze had er vaak om gevraagd. Ook toen ze zelf volwassen was, maar hij heeft er nooit een versje neergeschreven. Waarom, weet ik niet. Dat ik het bij mijn eigen dochter niet deed, was simpel: ik kon geen goed vers vinden. Eigenlijk kun je hier nooit uitdrukken wat je voor je dochter voelt. Maar nu heb ik een prachtig gedicht gevonden en het zal erin moeten komen.

Welk gedicht het is, is iets tussen mij en Doris. Al is het natuurlijk te vinden als je de bundel van Remco Campert leest. Het is mijmerij. En natuurlijk ook de liefde van een vader voor zijn dochter. Een mooi gedicht en een goed gedicht ineen.

Wat heeft Gorter toch een mooie gedichten geschreven.

Remco Campert: Zonder roken bij mij geen poëzie. Columns. Amsterdam, Antwerpen: De Bezige Bij, 2016. ISBN: 978 90 234 9850 6. 144 pagina’s. Prijs: € 16,99. Bestel