Op de eerste omgang van de Louteringsberg prevelen de zielen het onze vader. Ze hebben er wel hun eigen draai aan gegeven. Deze zielen zuiveren zich van hun hoogmoed en dragen een zware last bij zich.

De verteller vergelijkt de last met het gewicht dat je in een droom op je voelt drukken. De zielen bidden voortdurend voor hun eigen zielenheil. Dante roept hier weer zijn lezers op om juist voor deze zielen te bidden.

Het helpt zoveel meer als iemand die in Gods genade leeft, bidt voor hen die hier verblijven. Ze zouden er sneller door in de hemel komen. Een paar eeuwen later zou de kerk geld vragen voor aflaten om het zielenheil van hun voorouders af te kopen. Van Dante moet je er nog voor bidden.

Dante en Vergilius komen allerlei zielen tegen. Eentje wringt zich onder zijn last in allerlei bochten om de dichter te kunnen zien. Hij herkent Dante en roept zijn naam.

Dante ziet dan ook wie het is: Oderisi uit Gubbio. Een miniatuurschilder die zijn werk erg goed vond bij leven. Nu is hij bescheiden en zegt dat het werk van de andere bekende miniatuurschilder Franco veel mooier is.

“Ik had dit niet licht zoo hoffelijk beleden,
Toen ‘k leefde en steeds den voorragn woû behalen,
Waar ‘t sterk en begeerig hart om heeft gestreden.

“‘k Moet hier den tol dier hoovaardij betalen;
En ‘k zou zelfs hier niet zijn, waâr ‘k niet bewogen,
Tot God te gaan, ten tijd, dat ‘k nog kon falen.” (vs 85 – 90, Bohl)

Voor de trots tijdens zijn leven, moet hij hier boeten. Als hij zich tijdens zijn leven iets meer getoomd had en zich wat nederiger had opgesteld, zou hij hier niet hoeven staan. De zuivering in zijn geweten is al een eind gevorderd.

Dat staat in contrast met de zielen die in de hel vertoeven. Hier ondergaan de zielen de persoonlijke inkeer en boetedoening. Een heel positieve kant van de zaak: je kunt zelf tot inkeer komen. Dat anderen voor je bidden is voor mij persoonlijk meer bijzaak. De zielen zien hun fouten in en krijgen hiervoor uiteindelijk respijt.

Lees de andere bijdragen van het Dante project

Gedichten rond Canto 10

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van J. Bohl uit 1876 – 1884. Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.