De Russische literatuurwetenschapper Bakhtin noemt het heteroglossia in de roman, veelstemmigheid. Ik was helemaal vol van deze literatuurwetenschapper tijdens mijn studie Algemene Literatuurwetenschap in Leiden. In zijn roman Het valse seizoen speelt Christiaan Weijts met deze theorie.

Hij heeft de roman letterlijk opgebouwd uit 3 vertellers die elkaar brieven schrijven. De verhalen staan in de basis op zichzelf, maar soms kruisen de verhalen elkaar. Als bij een muziekstuk, zo gaan de stemmen met elkaar op of fungeert de ene stem als contrapunt voor de andere.

Dit is gedaan door de paragrafen in de hoofdstukken af te wisselen met de symbolen voor 3 sleutels zoals ze gebruikt worden in de muziek. Het is de g-sleutel (vioolsleutel), f-sleutel (bassleutel) en de c-sleutel. De eerste 2 sleutels worden bijna altijd gebruikt in de muziek. De c-sleutel is iets zeldzamer. Deze stem is dan ook bestemd voor Nadège. Zij laat zich wat minder goed in een sleutel passen.

Aanvankelijk lopen de verhalen nog best uiteen. Als lezer zoek je de verwantschap tussen de verhalen en de stemmen. Later gaat het veel meer in elkaar op. De bijzondere verhalen van het stel Camiel en Nadège krijgen daarmee een mooie aanvulling in het verhaal van de componist Pablo Sleedoorn.

Daarmee heeft Christiaan Weijts op een toegankelijke manier de literaire theorie van Michael Bakhtin verwerkt in zijn roman. De stemmen klinken zoals in de moderne roman, maar het is geen kakofonie. Juist de 3 aparte stemmen, maken deze roman tot een evenwichtig ensemble van 3 muzikanten.

Christiaan Weijts: Het valse seizoen. Roman. Amsterdam: De Arbeiderspers, 2016. ISBN: 978 90 2950 5215. Pagina’s: 454. Prijs: € 23,99. Bestel