Het boek over de Bijlmer brengt me ook weer bij een beroemde Bijmerbewoner: de vertaler en brievenschrijver August Willemsen. Las ik eerder zijn boek De val, zijn boek Braziliaanse brieven moest ik nog altijd ter hand nemen.

Het citaat uit het boek over de Bijlmer, trekt een mooie vergelijking van Amsterdam Zuidoost met de imposante flats in bijvoorbeeld Brazilië. Het trekt mij in zijn beroemdste boek, dat veel opnieuw is uitgegeven: Braziliaanse brieven.

Zo lees ik de verhalen over de kennismaking met Brazilië. Het vele werk dat August Willemsen doet, zijn speurtocht naar de dichters die hij voor ons bereikbaar heeft gemaakt met zijn fantastische vertalingen: Fernando Pessoa, Drummond de Andrade en João Guimarães Rosa. Stuk voor stuk Portugese en Braziliaanse schrijvers die hij beroemd heeft gemaakt in Nederland.

In zijn Brazilaanse brieven deelt hij zijn persoonlijke ontdekkingstocht naar de literaire juweeltjes die deze schrijvers hebben geschreven. Daarnaast maakt hij soms persoonlijk kennis met deze schrijvers en zoekt naar de bronnen in allerlei archieven. Hij reist hier heel Brazilië door.

Vooral mooi om te lezen zijn de ontdekkingen die hij doet als student in São Paulo:

Er komt nog bij dat ik juist een boek had gelezen van een Braziliaanse schrijver uit de vorige eeuw, Machado de Assis, die meteen een geweldige indruk op me maakte. In dat boek zoiets als Posthume herinneringen van Brás Cubas, komt een meisje voor wier huwelijkskansen te niet worden gedaan doordat ze hinkt, ofschoon ze zeer mooi is. En de schrijver vraagt zich af: ‘Waarom mank, indien mooi? Waarom mooi, indien mank?’ Dit lijkt cynisch, maar ik zie het als een geniale formulering van een tragisch en ironisch lot. (34)

Dat is genieten en je leest zijn liefde voor deze Braziliaanse schrijver. Hij speurt de gangen van deze meester in latere reizen na. Bovendien heeft August Willemsen ons het mooiste gegeven wat hij kon geven: een vertaling van de meesterwerken van Machado de Assis!

August Willemsen: Braziliaanse brieven. Amsterdam: Uitgeverij De Arbeiderspers, [1985]. Mijn exemplaar is een Singel pocket uit 2000 (10e druk). ISBN 90 413 30666 6. 350 pagina’s. Meer informatie