Als Charlotte Kestner-Buff in Weimar aankomt in het hotel Zum Elephanten, krijgt ze vrijwel meteen bezoek. Ze heeft zich nog maar net geïnstalleerd in het hotel of doctor Riemer komt langs.

De privéleraar van de Von Humboldts en later van Goethes zoon August,, wordt later docent klassieke talen op het stedelijk gymnasium van Weimar. Hij vertelt honderduit over de situatie in de stad waarin Goethe woont. Zo krijgen Lotte en de lezer meteen een mooie inleiding op de situatie in de Duitse stad en rondom Goethe.

Na zijn bezoek, hoort ze de verhalen aan van demoiselle Schopenhauer. Adele, de zus van de later beroemde filosoof Arthur, vertelt over de amoureuze escapades van Goethes zoon August. Het gaat om haar beste vriendin Ottilie die zich verliest in de drankzuchtige en seksbeluste August.

Men wist te verhalen van een affaire met de vrouw van een huzaar, wier man deze relatie duldde omdat zij thuiskwam met geschenken. Ze was zo mager als een lat, lang en hoekig, al was ze niet eens zo lelijk, en de mensen lachten omdat hij dingen tegen haar zou hebben gezegd als: “Jij bent het licht van mijn leven!”, wat zij uit ijdelheid rondvertelde. Men lachte ook over een half scandaleus, half ontroerend verhaal: de grijze dichter was het paar eens onverwacht tegen de avond in de tuin tegengekomen en had slechts gezegd: “Kinderen, laat je niet storen!”, waarop hij zich onzichtbaar had gemaakt. (182)

De verteller stunt met al deze verhalen. Hij weet ze prachtig neer te zetten en lijkt alle verhevenheid van Goethe weg te halen. Het hoogtepunt van de roman is als Charlotte bij de grote meester zelf op bezoek komt. Ze mag met hem op vrijdagmiddag dineren. Het wordt een bezoek om nooit te vergeten.

Thomas Mann: Lotte in Weimar. Oorspronkelijke titel: Lotte in Weimar (1939). Vertaald door Tinke Davids. Amsterdam: Uitgeverij De Arbeiderspers, 1987. ISBN: 90 295 3014 6. 383 pagina’s.