De titel van Roxane Gay’s boek is: Honger. Terwijl ze over een gigantisch lichaam beschikt. Er is niet omheen te kijken en het lijkt juist het tegenovergestelde van honger te laten zien.

Ieder lichaam, heeft een eigen verhaal, begint ze. De memoires die zij schrijft, hebben betrekking op haar eigen lichaam. Een lichaam waar ze enerzijds van walgt en dat tegelijkertijd alles over haarzelf vertelt.

Roxane Gay schrijft op een intieme en heel persoonlijke manier over haar lichaam. Hoe is het gekomen dat ze geworden is die ze nu is. Het is geen succesverhaal met een slanke ik op het omslag. Het blijft in de versie van De bezige bij beperkt tot de titel en een kleine afbeelding van een vork.

Oftewel gaat dit boek over:

Dit boek gaat over mijn lichaam en mijn honger, en uiteindelijk ook over verdwijnen, verdwalen en heel graag gezien en begrepen willen worden. Dit boek gaat over hoe ik langzaam maar zeker leerde om mezelf te laten zien en begrijpen. (11)

Roxane Gay’s postuur heeft te maken met een heftige en traumatische gebeurtenis als meisje van 12. Ze wordt genadeloos verkracht door een groep jongens. De gebeurtenis tekent haar voor haar leven. Ze schaamt zich tegenover iedereen. Ook haar ouders en vertelt haar geheim niemand.

Het zou haar zo geholpen hebben, beseft ze ook nu. Maar in de plaats daarvan kiest ze ervoor te gaan eten. Eten troost haar en geeft haar een goed gevoel. Ze dijt uit.

Alleen in eten vond ik troost. In mijn eentje in mijn appartement kon ik mezelf met eten sussen. Eten keurde me niet af en stelde geen eisen. Als ik at hoefde ik niemand anders dan mezelf te zijn. Dus kwam ik vijftig kilo aan, en nog eens vijftig, en nog eens vijftig.
In bepaald opzicht lijkt het alsof het gewicht op een dag gewoon aan mijn lichaam zat. Ik had maat 38, toen werd het maat 46, toen maat 58 en toen maat 68.
In andere opzichten was ik me terdege bewust van elk pondje dat erbij kwam en aan mijn lichaam bleef hangen. (106)

Ook de keuze of ze dit bewust doet of dat het onbewust gebeurt: een onbegeerlijk lichaam krijgen door veel te eten. Het lijkt alsof de verteller van deze memoires hier dubbel in staat.

Dik zijn om niet gezien te worden, maar juist wel gezien worden. Op een andere manier. Je verwordt tot een statistisch gegeven. Het woord obesitas is al weinig opbeurend, als daar het woord morbide aan wordt toegevoegd, is een lichaam aan een doodsverklaring onderworpen.

Roxanne Gay weet in haar autobiografie dit gevoel prachtig te verwoorden. Het duidt op een gevecht tegen wat een samenleving van je maakt op basis van uiterlijk.

Roxane Gay: Honger, De geschiedenis van mijn lichaam. Oorspronkelijke titel: Hunger. A Memoir of (My) Body. Vertaald door Lette Vos. Amsterdam: De bezige bij, 2017. ISBN: 978 90 234 7461 6. Prijs: € 19,99. 268 pagina’s.Bestel