De verteller Dante schrijft dat hij zich voelt zoals de discipelen zich voelen als Jezus zich laat zien met de profeten Mozes en Elia. Ze vallen in slaap en als ze wakker worden, zit Jezus er weer heel gewoontjes bij alsof er niks gebeurd is.

Zo voelt Dante zich ook. Hij wordt weer wakker na de bijzondere ervaring bij de boom van kennis van goed en kwaad. Nu ziet hij Matelda zitten aan de waterkant. Waar is Beatrice? De vrouw wijst hem naar de boom waar Beatrice zit.

Haar verdre woorden liet ik mij ontrooven,
Waardoor? Door haar die als ik haar ontwaarde
Alle andre zintuigen wist uittedooven.

Zij was gezeten op de zuivere aarde,
Als hoedster van de wagen daar gelaten
Nadat het beest hem bond, het dubbelgeaarde.

De zeven nimfen, die om haar niet zaten
Maar stonden, droegen lichten welker schijn is
Ontheven aan de wind uit laagre staten (vs 91 – 99; vert. Verwey)

Naast de wagen waarmee ze gekomen is. 7 jonge vrouwen, Verwey vertaalt het als nimfen, met olielampjes staan om haar heen. Het verwijst naar de gelijkenis van Jezus over de bruid met de 7 wijze en 7 dwaze maagden.

De griffioen stijgt samen met de processie weer naar de hemel. Het zingen klinkt nog altijd zoet en diep. Beatrice vertelt wat hem te wachten staat. Dante zal nog even in het aards paradijs verblijven, waarna hij samen met Beatrice naar de hemel zal stijgen.

Als een goede vrouw betaamt, zegt ze Dante dat hij goed moet kijken onderweg. Hij zal straks de bedorven wereld moeten getuigen van wat hij gezien heeft.

Een edele taak. Dante luistert naar haar bevelen. Er staan bijzondere gebeurtenissen te wachten. Het moet voor hem een bijzondere ervaring zijn om dit deel van het dodenrijk te mogen binnentreden. Terwijl veel mensen aangeven dat we nu juist in het saaie gedeelte van de Goddelijke komedie komen.

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van Albert Verwey uit 1923. Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.