Dante realiseert zich dat hij zijn geliefde Beatrice 10 jaar niet meer heeft gezien. Hij merkt hoe hij gebiologeerd naar zijn oude geliefde kijkt. De verteller spreekt zelfs van een ‘muur van onverschilligheid’ die hij om zich heen trekt. Alles wat er om hem heen gebeurt, ontgaat aan zijn aandacht.

Totdat de stoet plotseling van richting verandert, zoals een groep soldaten dat ineens kan doen. Zo gebeurt het dat de groep voorbij loopt bij Dante. De 24 grijsaards en de dames die bij elk bij een wiel van de wagen lopen. Samen met Statius die nog altijd bij hem is, volgt Dante, Matelda. De vrouw die hem zojuist uit de Lehte heeft getrokken.

Ze maken een tocht door het diepe woud. Ze leggen een afstand in die 3 keer een boogschot is. Daar gebeurt iets bijzonders, ze zien de boom van het Paradijs, de boom van kennis van goed en kwaad. De kruin is bladerloos. Daar stopt de stoet en stapt Beatrice van de wagen.

Er gebeurt iets bijzonders met de boom:

Als boomen van ons land, de daags bezonden,
Terwijl het licht gemengd is met de stralen
Die achter ‘t sternsel van de Visschen branden,

Opzwellen en zich dan opnieuw bemalen,
Elk met zijn kleur, vóór de zon zijn genetten
In ander teeken rijzen doet en dalen, –

Zóó, min dan rozen, meer dan violetten,
Kleurde zich deze boom: in nieuw verjongen
Zag ik zijn dood hout frissche loten zetten.

Ik vatte ‘t niet, noch wordt het hier gezongen,
Het lied door al die lieden aangeheven:
Tezeer had mij die melodie bedwongen. (vs 52 – 63; vert. Albert Verwey)

De boom verkleurt in rode kleur, roder dan rozen of viooltjes. Hij schiet in de knop, zoals een boom in het voorjaar doet. Het is een bijzondere gebeurtenis waarbij de aanwezigen een onbekende hymne zingen. Dante kan het niet goed volgen wat hij hoort. Dat komt ook omdat hij opnieuw in zwijm valt.

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van Albert Verwey uit 1923. Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.