Ze is loops, vertelde de dierenarts bij de eerste controle. We hadden haar net die zaterdag gekocht en die maandag ging ik gelijk voor controle. Het was onze deal met de vorige eigenaar. Wanneer het een ongezonde hond zou blijken te zijn, kregen we ons geld terug. Aan de andere kant beseften we gelijk dat we Sientje niet meer kwijt wilden. Dus wat we gedaan hadden met een ongezonde hond zal altijd de vraag blijven.

Ik was ontzettend boos op de verkoper. Hij had me besodemieterd en een loopse teef aan ons verkocht. ‘Dat kan goed zijn’, antwoordde hij koeltjes. ‘Die andere waarmee ze in het hok zat, is vandaag ook loops geworden.’ Ik geloofde weinig van het verhaal. ‘Mankeert er nog meer aan?’ vroeg ik hem. ‘Nee, echt niet. Ze worden altijd ongeveer gelijkertijd loops als ze bij elkaar zitten’, antwoordde hij.

Dat hij de honden na de laatste inenting helemaal niet meer had ingeënt en de hoektanden afgesleten waren, liet ik maar voor wat het was. De inenting had ik ook nog niet laten doen. De dierenarts wilde haar niet teveel stress geven. Dat ze nu bij ons woonde, was voor haar al een grote verandering. Dan moest je niet teveel dingen erbij doen. Ook ontraadde hij ons haar snel te wassen of te trimmen. Laat haar eerst maar even rustig wennen.

Bij de controle en inenting een paar weken later, constateerde de dierenarts dat de loopsheid weliswaar voorbij was. Maar nu was ze schijnzwanger. Iets om in de gaten te houden, gaf hij er als opmerking bij. Dat ze even later schijnzwanger werd – met opgezette tepels en melk die eruit vloeide – probeerden we te bestrijden met kamferspiritus.

Het hielp weinig, maar ze rook wel heel erg lekker. Het hoorde bij de kwaaltjes die we onder handen namen. De ruimschoots aanwezige oormijt – volgens de dierenarts een duidelijk teken van verwaarlozing – bestreden we met oordruppels die hij zelf importeerde uit Frankrijk.

Op de terugreis van de kampeervakantie reed hij altijd langs de producent van dit goedje, dat volgens hem in Nederland niet verkrijgbaar was. ‘We moeten weer nodig naar Frankrijk’, zei hij een keer in mijn bijzijn toen hij de laatste doos met flesjes aanbrak.

We hebben het spul het hele leven van Sientje in haar oor gedruppeld. Na de druk op het pipetje wreven we het goedje flink in door het kleine oorzakje dat tegen de kop zit, zachtjes te masseren. Als ze genoot van het kneden, dan moesten we de behandeling nog even aanhouden. Alleen als ze koppig weigerde, dan zou de mijt vertrokken zijn. Tijdelijk want zodra ze weer fanatiek bij haar oor aan het krabben was, was de mijt teruggekeerd.

De schijnzwangerschap was eveneens een probleem. De dierenarts constateerde het. ‘Het lijkt niet dat het weggaat’, beweerde hij. Hij stelde voor om haar te steriliseren en alles eruit te halen. Alleen zo heeft ze er geen last meer van. Hoe het kwam, wist hij niet. Maar hij achtte het verstandig met sterilisatie een einde te maken aan het probleem van de voortdurende schijnzwangerschap.

Zo maakten we een afspraak voor het steriliseren. De dierenarts zou haar gelijk verlossen van een dikke knobbel op de rug. We brachten haar ‘s ochtends vroeg. Ze moest nuchter zijn. Moeilijk voor Sien, want de hongerige wolf kreeg ‘s morgens altijd te eten. Ik liep naar de dierenarts vanaf huis, dan kon ze gelijk haar gebruikelijke behoefte doen. Natuurlijk voelde ze dat haar iets te gebeuren stond en deed ze helemaal niks. Eigenwijs als ze was. Ik nam met weemoed afscheid van haar, dikke knuffel, beetje verdrietig. Wie zegt dat het allemaal goed af zou lopen.

Die middag kwam het verlossende telefoontje maar niet. Ik zat in spanning te wachten en uiteindelijk belden ze om vier uur. ‘Het heeft even geduurd, maar u kunt haar over een uurtje komen halen.’ We snelden naar de dierenarts en waren er binnen een kwartier. Veel te vroeg natuurlijk zodat we moesten wachten en de spanning alleen maar toenam.

Daar hoorden we dat het allemaal wel zwaar was geweest. De assistente stond ons te woord. Door een spoedgeval was de dierenarts weggeroepen tijdens de operatie, maar het was allemaal gelukt. ‘Ze heeft veel bloed verloren, dus ze kan nog wel een beetje instabiel op de pootjes staan. Het duizelt allemaal bij haar. Maar ze mag mee naar huis hoor. Zorg er goed voor dat ze niet bij de wond kan.’

Nog weer lang wachten en daar kwam ze binnen. Het eerste zag ik de dikke bult op haar rug, die er nog mooi bovenop zat. ‘Ik denk dat we dat zijn vergeten’, zei de assistente. De dierenarts was er nog steeds niet. Sientje liep een beetje dizzy op de pootjes, maar wilde zo snel mogelijk uit de wachtruimte. Naar buiten, weg hier van deze pijnlijke figuren.

We stonden nog niet buiten en daar wiebelde ze op haar pootjes. De rug gebogen, de voorpoten naar de pijnlijke achterkant. Daar kwam de drol die ze vanmorgen zo dapper had opgehouden. Nog duizelig van de operatie, viel ze bijna om maar ze perste die drol eruit. Vlakbij de ingang. Een man liep ons voorbij en kon zijn lachen niet inhouden. Met de poepschep raapte ik de worp op, maar Sientje trok mij al meteen naar de auto. Weg hier.

Lees volgende week het vervolg »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief